Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een verkeersboete opgelegd wegens het handelen in strijd met een geslotenverklaring op 22 november 2021 in Oosterhout. Betrokkene voerde aan niet aanwezig te zijn geweest op de plaats van de overtreding, onderbouwd met een betalingsbewijs van een aankoop in Friesland kort na het tijdstip van de overtreding. Tevens stelde betrokkene dat mogelijk sprake was van een vergissing in het kenteken door de verbalisant.
De officier van justitie handhaafde de boete, maar verzocht de kantonrechter het beroep gegrond te verklaren vanwege twijfels over de vaststelling van de overtreding en het ontbreken van een staandehouding. De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant onvoldoende was om vast te stellen dat betrokkene de overtreding heeft begaan, mede gelet op het bewijs van betrokkene en de mogelijkheid van een kentekenverwisseling.
De boete en de beslissing van de officier van justitie werden vernietigd. Betrokkene krijgt het betaalde bedrag terug en een proceskostenvergoeding voor reiskosten toegekend. Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de opgelegde boete wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs.