ECLI:NL:RBZWB:2024:1993
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde en aanslag onroerendezaakbelasting voor één onroerende zaak
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarden van meerdere onroerende zaken gelegen in een plaats binnen de gemeente Tilburg, zoals vastgesteld door de heffingsambtenaar voor het jaar 2021. De heffingsambtenaar heeft de bezwaren ongegrond verklaard en de waardes en aanslagen gehandhaafd.
Na verwijzing naar uitspraken van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, dat op 26 juli 2023 uitspraak deed over de WOZ-waarden voor het jaar 2020, heeft de heffingsambtenaar zijn standpunt aangepast en erkend dat de waarde van één adres moet worden verminderd. Belanghebbende heeft vervolgens aangegeven de overige waardes niet langer te betwisten, maar verzocht om vrijstelling van betaling van gemeentelijke belastingen vanwege zijn gezondheidssituatie.
De rechtbank oordeelt dat zij niet bevoegd is om te voorzien in kwijtschelding of betalingsregelingen, en ook niet om de gemeente te dwingen tot het ontdoen van verontreinigingen op de tuin van belanghebbende. De rechtbank verklaart het beroep gegrond voor het betreffende adres, vermindert de WOZ-waarde en de aanslag OZB dienovereenkomstig, en vernietigt het bezwaarbesluit voor dat adres. De overige beroepen worden ongegrond verklaard. Tevens wordt het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde en aanslag OZB van één onroerende zaak worden verminderd, de overige blijven gehandhaafd; verzoek om vrijstelling wordt afgewezen.