Veroordeelde is eerder veroordeeld tot meerdere gevangenisstraffen voor ernstige delicten en op 23 april 2021 voorwaardelijk in vrijheid gesteld onder diverse algemene en bijzondere voorwaarden. Na overtredingen van het locatiegebod en het drugs- en alcoholverbod, en het verbreken van contact met de reclassering, heeft de officier van justitie een vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling ingediend.
De reclassering adviseerde voortijdige negatieve beëindiging van het toezicht vanwege het niet naleven van de voorwaarden en het ontbreken van vertrouwen in gedragsverandering. Veroordeelde erkent fouten, zoals het doorknippen van zijn enkelband, maar wil in de toekomst verantwoordelijkheid nemen vanwege zijn aanstaande vaderschap en de ziekte van zijn moeder.
De rechtbank constateert dat veroordeelde de bijzondere voorwaarden heeft overtreden en geen verantwoordelijkheid neemt voor zijn handelen. Gezien de eerdere gedeeltelijke herroeping van 180 dagen die nog niet is uitgezeten, wijst de rechtbank de vordering slechts gedeeltelijk toe voor een periode van 365 dagen, zodat veroordeelde de kans krijgt zijn gedrag te verbeteren en een toekomst op te bouwen met zijn gezin.