Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
- twee blauwe ogen;
- wond op het neusbeen;
- neusfractuur;
- pijn op zijn achterhoofd;
- pijn op zijn gehele rechterbeen van heup tot voet;
- pijn aan zijn linker heup;
- pijn aan linkerschouder;
- hoofdpijn.
tegenhet lichaam te schoppen, terwijl die [slachtoffer 3] op de grond lag.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder 1 primaire tenlastegelegde feit;
een gevangenisstraf van 30 dagen, waarvan 13 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
een taakstraf van 240 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
120 dagen;
€ 990,22,waarvan € 340,22 aan materiële schade en € 650,00 aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 31 juli 2022 tot aan de dag der voldoening;
(feit 2), € 990,22te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 31 juli 2022 tot aan de dag der voldoening.
19 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
(feit 3)van
€ 3.964,22te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 25 augustus 2022 tot aan de dag der voldoening.
49 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;