ECLI:NL:RBZWB:2024:2096
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen WOZ-waarde woning te Terneuzen
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning te Terneuzen, welke door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €162.000 per 1 januari 2020. De rechtbank beoordeelde het beroep op basis van het taxatierapport en de aangevoerde vergelijkingsmethodiek.
De heffingsambtenaar onderbouwde de waarde met een taxatierapport waarin referentiewoningen in de directe omgeving werden vergeleken, rekening houdend met verschillen in ligging, bouwjaar, inhoud en voorzieningen. Belanghebbende voerde aan dat de waarde te hoog was en wees op achterstallig onderhoud en een lager voorzieningenniveau van zijn woning.
De rechtbank oordeelde dat de gebruikte referentiewoningen voldoende vergelijkbaar waren en dat de heffingsambtenaar voldoende rekening had gehouden met verschillen, waaronder onderhoud en voorzieningen. De aangevoerde aanvullende woningen van belanghebbende werden deels betrokken, maar konden het beroep niet ondersteunen.
De rechtbank concludeerde dat de WOZ-waarde niet te hoog was vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond. De aanslag onroerendezaakbelasting bleef gehandhaafd en belanghebbende kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €162.000 blijft gehandhaafd.