Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag]
25 maart 2025;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 25 maart 2024 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1978, die lijdt aan neurobiologische ontwikkelingsstoornissen waaronder ASS en een licht verstandelijke beperking. De machtiging is gebaseerd op een verzoek van de officier van justitie en betreft verplichte zorg voor de duur van twaalf maanden.
Betrokkene ervaart ernstige spanningen en maatschappelijke problemen, wat leidt tot ernstige verwaarlozing van zichzelf en haar leefomgeving, waaronder het verzamelen van afval, ongezonde leefstijl en overlast voor de buren. Ondanks dat betrokkene aangeeft dat het beter gaat en zij openstaat voor hulp, is vrijwillige zorg niet voldoende gebleken omdat zij in het verleden zorg heeft afgehouden.
De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk om ernstig nadeel af te wenden en stabilisatie van de geestelijke gezondheid te bevorderen. De toegewezen maatregelen omvatten het beperken van bewegingsvrijheid, het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid om het eigen leven in te richten, en opname in een accommodatie. Andere door de officier van justitie verzochte zorgvormen zijn niet noodzakelijk bevonden.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar en de verplichte zorg wordt als evenredig en effectief beschouwd. De machtiging geldt tot 25 maart 2025. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte zorgmaatregelen gericht op het afwenden van ernstig nadeel.