ECLI:NL:RBZWB:2024:2353
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Struijs
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige toevertrouwing en vaststelling kinderalimentatie
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 25 maart 2024 een verzoek tot voorlopige voorzieningen inzake toevertrouwing en kinderalimentatie. De moeder verzocht om de toevertrouwing van zes minderjarige kinderen en een kinderalimentatie van €25 per maand per kind. De vader stemde in met de toevertrouwing, maar betwistte de hoogte van de alimentatie vanwege zijn geringe draagkracht.
De rechtbank oordeelde dat zij rechtsmacht heeft en volgens Nederlands recht dient te beslissen. De toevertrouwing werd toegewezen aan de moeder, aangezien dit in het belang van de kinderen is. De vader heeft een netto inkomen onder €1.815 per maand, wat leidt tot een minimale draagkracht van €50 per maand in totaal, conform de aanbeveling van de Expertgroep Alimentatie.
Hierdoor werd de kinderalimentatie vastgesteld op €8,33 per maand per kind. De rechtbank benadrukte dat van de vader wordt verwacht dat hij zich maximaal inspant om zijn inkomen te verhogen, ook door eventueel een dienstbetrekking te aanvaarden. De beschikking is direct uitvoerbaar en hoger beroep is uitgesloten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige toevertrouwing toe aan de moeder en stelt de kinderalimentatie vast op €8,33 per maand per kind.