Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 16 januari 2024 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel ingevolge de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor betrokkene, die kampt met een autismespectrumstoornis en andere psychische stoornissen.
Tijdens de mondelinge behandeling verklaarde de psychiater dat een klinische opname niet doelmatig is omdat de autismespectrumstoornis niet klinisch te behandelen valt en het risico op suïcide laag wordt ingeschat. Betrokkene zou ontslagen worden en ambulant behandeld worden op een FACT-locatie, hoewel dit niet ideaal is.
De advocaat van betrokkene uitte zorgen over het ontslag en de geschiktheid van de ambulante locatie, gezien betrokkene drie jaar clean is en zelf niet naar die locatie wil.
De rechtbank concludeerde dat er minder bezwarende alternatieven zijn die hetzelfde beoogde effect bereiken en dat verplichte zorg in de vorm van voortzetting van de crisismaatregel niet effectief is. Daarom werd het verzoek afgewezen.
Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel af wegens niet-doelmatige klinische opname en laag suïcidegevaar.