Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- de advocaat van cliënt;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf voor cliënt, geboren in 1935, vanwege ernstige verwaarlozing en een chronische psychische stoornis met gerontopsychiatrische problematiek. Cliënt was opgenomen in het ziekenhuis na onderkoeling en dehydratie, waarbij bleek dat zij niet in staat was zichzelf te verzorgen en geen zorg toeliet. De klinisch geriater en begeleiders van Bemoeizorg bevestigden dat opname in een verpleeghuis noodzakelijk is.
Tijdens de mondelinge behandeling was cliënt niet bereid zich te laten horen en verzette zich tegen opname. De rechtbank stelde vast dat cliënt lijdt aan een psychische stoornis die vergelijkbare gedragsproblemen en regieverlies veroorzaakt als een psychogeriatrische aandoening, wat leidt tot ernstig nadeel zoals levensgevaar en ernstige verwaarlozing. Er is een causaal verband tussen de stoornis en het gedrag, vooral na het overlijden van de partner van cliënt.
De rechtbank oordeelde dat opname en verblijf noodzakelijk zijn om het ernstig nadeel te voorkomen en dat er geen minder ingrijpende alternatieven zijn. De machtiging wordt daarom verleend voor de duur van zes maanden. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden wegens ernstig nadeel door een psychische stoornis.