Stichting Alwel verhuurt sinds december 2020 een woning aan de huurder, waarbij algemene huurvoorwaarden met een zerotolerancebeleid ten aanzien van drugs zijn overeengekomen. In oktober 2023 trof de politie in de berging van de woning een aanzienlijke hoeveelheid soft- en harddrugs en vuurwapens aan, wat leidde tot een vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming.
De huurder voerde aan dat hij de berging niet gebruikte, de sleutel aan een derde had gegeven die mogelijk de drugsactiviteiten verrichtte, en dat hij vanwege bedreigingen en psychische kwetsbaarheid geen actie kon ondernemen. De kantonrechter oordeelde echter dat de huurder verantwoordelijk is voor het gehuurde en dat zijn verweer onvoldoende is om de tekortkoming te rechtvaardigen.
De kantonrechter stelde dat de aanwezigheid van drugs en wapens een ernstige tekortkoming vormt die ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt. De ontruimingstermijn werd vastgesteld op drie maanden om een redelijke overgang te bieden. De contractuele boete voor overtreding van het drugsverbod werd gematigd tot nihil vanwege de persoonlijke omstandigheden van de huurder.
Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, waarbij het belang van de verhuurder en de leefbaarheid in de buurt zwaarder woog dan het belang van de huurder bij behoud van de woning. De huurder werd veroordeeld tot betaling van de gebruiksvergoeding en proceskosten.