ECLI:NL:RBZWB:2024:2768
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Bethlehem
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot zorgmachtiging wegens onvoldoende bewijs psychische stoornis met ernstig nadeel
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 15 april 2024 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene. De officier verzocht om verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles, beperking van bewegingsvrijheid en opname in een accommodatie.
Betrokkene betwistte het verzoek en gaf aan geen psychische stoornis te hebben die ernstig nadeel veroorzaakt. Zij lichtte haar situatie toe, waaronder geluidsoverlast van buren en haar wens tot vrijwillige hulpverlening. De zorgverantwoordelijke kon niet bevestigen dat er sprake was van een psychische stoornis met ernstig nadeel, mede vanwege het ontbreken van definitieve onderzoeksresultaten.
De rechtbank concludeerde dat de medische diagnose onvoldoende onderbouwd was en dat niet vaststond dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt. Ook het feit dat betrokkene haar woning had opgeruimd en de onzekerheid over vrijwillige hulpverlening speelden mee. Daarom voldeed het verzoek niet aan de wettelijke criteria en werd het afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van een psychische stoornis met ernstig nadeel.