Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- cliënt, bijgestaan door haar advocaat;
2.Het verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[cliënt] ,geboren op [geboortedag] 1945 te [geboorteplaats] ;
15 oktober 2024.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 15 april 2024 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot het verlenen van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf van een cliënt met de ziekte van Alzheimer voor de duur van zes maanden.
De cliënt lijdt aan een progressieve psychogeriatrische aandoening die leidt tot ernstig nadeel, waaronder lichamelijk letsel, psychische schade, verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. De intensieve zorgbehoefte kan niet langer door de familie en echtgenoot worden gedragen, mede omdat de echtgenoot zelf gezondheidsproblemen heeft.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf de cliënt aan terug naar huis te willen, maar er is sprake van aanhoudend verzet en pogingen om weg te lopen. De rechtbank oordeelt dat opname in een gespecialiseerde zorginstelling noodzakelijk en geschikt is om het ernstig nadeel te voorkomen.
Er zijn geen minder ingrijpende alternatieven beschikbaar. De rechtbank wijst het verzoek toe en verleent de machtiging tot 15 oktober 2024. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden wegens ernstig nadeel door Alzheimer en onmogelijkheid van adequate zorg thuis.