ECLI:NL:RBZWB:2024:2853
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanslag onroerendezaakbelasting gebruiker op eigenaar winkelpand
Belanghebbende, eigenaar van een winkelpand met meerdere verdiepingen, stelde dat alleen de huurder van de winkelruimte als gebruiker van het pand moest worden belast en dat het pand gesplitst moest worden in meerdere WOZ-objecten. De heffingsambtenaar stelde dat het pand één ondeelbaar object is vanwege de gezamenlijke toegang en dat belanghebbende als eigenaar ook gebruiker is van de niet-verhuurde delen.
De rechtbank oordeelde dat het pand inderdaad één ondeelbaar object vormt, mede omdat de niet-verhuurde ruimtes alleen via het verhuurde deel bereikbaar zijn. Volgens de jurisprudentie van de Hoge Raad omvat het begrip 'gebruik' ook het bewust leeg laten staan van ruimtes en het houden van zeggenschap over het object.
Daarom is belanghebbende terecht aangeslagen voor de gebruikersbelasting over het gehele pand, aangezien hij een belangrijke mate van zeggenschap heeft gehouden. Het beroep tegen de aanslag wordt ongegrond verklaard.
De uitspraak is gedaan door rechter M.Z.B. Sterk op 7 mei 2024 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Belanghebbende kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: De aanslag onroerendezaakbelasting gebruiker is terecht opgelegd aan belanghebbende als eigenaar en gebruiker van het gehele pand.