Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over augustus 2022. De rechtbank beoordeelt dit beroep zonder zitting wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid op grond van het niet betalen van het griffierecht.
De rechtbank stelt vast dat het griffierecht van €365,- niet binnen de gestelde termijnen is voldaan. Belanghebbende heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan, maar heeft dit niet onderbouwd ondanks herhaalde verzoeken. De griffier heeft het beroep op betalingsonmacht terecht afgewezen.
Na meerdere aanmaningen, waaronder een aangetekende brief, is het griffierecht niet betaald. Er is geen verontschuldiging voor het verzuim gegeven. De rechtbank verklaart daarom het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelt het bestreden besluit niet inhoudelijk. Er volgt geen proceskostenveroordeling.