ECLI:NL:RBZWB:2024:2922
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen naheffingsaanslag
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de heffingsambtenaar van de gemeente Middelburg waarin een bezwaar ongegrond werd verklaard. Tijdens de procedure heeft de heffingsambtenaar de naheffingsaanslag vernietigd, waarmee aan het beroep is tegemoetgekomen. Belanghebbende trok daarop het beroep in en verzocht om veroordeling van de heffingsambtenaar in de proceskosten.
De rechtbank heeft beoordeeld of de heffingsambtenaar geheel of gedeeltelijk aan belanghebbende is tegemoetgekomen en of proceskostenvergoeding op zijn plaats is. Hoewel de heffingsambtenaar aan het beroep tegemoet is gekomen door de naheffingsaanslag te vernietigen, heeft belanghebbende slechts een vergoeding van €4,36 aan portokosten gevorderd.
De rechtbank oordeelt dat portokosten niet onder de vergoeding van proceskosten vallen zoals bedoeld in het Besluit proceskosten bestuursrecht. Daarom wijst de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding af als kennelijk ongegrond. Wel wijst de rechtbank erop dat de heffingsambtenaar verplicht is het betaalde griffierecht van €50,- te vergoeden, waarvoor belanghebbende zich rechtstreeks tot de heffingsambtenaar moet wenden.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 6 mei 2024 door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat alleen portokosten werden gevorderd die niet voor vergoeding in aanmerking komen.