Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
sen met daar overheen een bewegend plaatje/gifje waarin een pistool wordt afgevuurd richting zijn hoofd;
filmpjevan de politiemedewerker voornoemd op internet te plaatsen en daar
‘racistische agent bedreigd ons zomaar met de dood en trekt
’, terwijl verdachte wist dat dit ten laste gelegde feit in strijd met de waarheid was;
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
- de meldplicht;
- een ambulante behandeling door Fivoor of soortgelijke zorgverlener;
- een contactverbod met [aangever 1] en diens gezin, [medeverdachte 2] , [naam 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] ;
- een dagbesteding.
- de meldplicht;
- een contactverbod met aangever [aangever 1] en diens gezin, medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] , zolang de Reclassering dit nodig acht;
- ambulante behandeling door Fivoor of soortgelijke zorgverlener, zolang de Reclassering dit nodig acht;
- dat verdachte een dagbesteding zal hebben.
7.De vordering tot tenuitvoerlegging
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder parketnummer 02-125405-23 primaire ten laste gelegde feit;
een jeugddetentie van 22 dagen;
een taakstraf in de vorm van een werkstraf van 120 uren, subsidiair 60 dagen vervangende jeugddetentie, waarvan 50 uren, subsidiair 25 dagen vervangende jeugddetentie, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten
nog 65 dagen;
een taakstraf in de vorm van een werkstraf van 130 uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
65 dagen;