Op 23 oktober 2021 spande verdachte een oranje touw over het fietspad op de Broekhovenseweg in Tilburg, zonder dit duidelijk zichtbaar te maken of te bewaken. Daarna verliet hij de plek, waarna een bromfietser tegen het touw reed, ten val kwam en ernstig letsel opliep, waaronder een gebroken kaak en hersenschudding.
De rechtbank oordeelde dat verdachte het fietspad opzettelijk versperde met een zekere duurzaamheid, ondanks zijn stelling dat het slechts tijdelijk was en doorgang mogelijk bleef. Het fietspad was bedoeld voor bromfietsers met blauw kenteken, zoals het slachtoffer, die verplicht waren het te gebruiken. Verdachte had geen veiligheidsmaatregelen getroffen en kon het slachtoffer niet tijdig waarschuwen.
Verdachte werd primair schuldig bevonden aan het opzettelijk versperren van een openbare weg met gevaar voor de verkeersveiligheid. Andere tenlasteleggingen, zoals zware mishandeling, werden niet bewezen verklaard. De rechtbank hield rekening met een overschrijding van de redelijke termijn en het ontbreken van eerder strafblad, maar vond een gevangenisstraf passend vanwege de ernst van het feit en het gebrek aan schuldbewustzijn.
De straf werd vastgesteld op 3 maanden gevangenisstraf, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Verdachte werd veroordeeld zonder taakstraf vanwege zijn verblijf in het buitenland. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op 7 mei 2024.