ECLI:NL:RBZWB:2024:3009
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering premie-inkomen door aftrek eigenwoningregeling in IB/PVV 2020
Belanghebbende, woonachtig in België, was in 2020 premieplichtig voor de Nederlandse volksverzekeringen en ontving looninkomsten uit Nederland en een SVB-uitkering uit België. De inspecteur legde een aanslag IB/PVV 2020 op zonder aftrek van de eigenwoningregeling bij het premie-inkomen, wat tot een te hoog vastgesteld premie-inkomen leidde.
Tijdens de beroepsprocedure overwoog de rechtbank dat belanghebbende aannemelijk had gemaakt recht te hebben op een aftrekpost eigenwoningregeling van €7.660, gebaseerd op hypotheekrente en eigenwoningforfait. De inspecteur had dit bedrag niet volledig erkend, maar de rechtbank volgde het standpunt van belanghebbende.
De rechtbank oordeelde dat het premie-inkomen dienovereenkomstig moest worden verminderd tot €19.096 en dat de belastingrente ook verminderd moest worden. De uitspraak op bezwaar van de inspecteur werd vernietigd voor zover deze het premie-inkomen betrof. De inspecteur moet het griffierecht aan belanghebbende vergoeden. Andere aanslagonderdelen blijven ongewijzigd.
Uitkomst: De rechtbank vermindert het premie-inkomen en belastingrente van de aanslag IB/PVV 2020 vanwege recht op aftrek eigenwoningregeling.