Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 1, 2 primair en subsidiair en 3 tenlastegelegde feiten.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van afpersing en wederrechtelijke vrijheidsberoving van het slachtoffer. De feiten betroffen een incident in januari 2023 waarbij autovelgen werden opgehaald en een poging tot afpersing op 2 maart 2023, waarbij het slachtoffer werd bedreigd en van zijn vrijheid beroofd.
De officier van justitie achtte de poging tot afpersing en de wederrechtelijke vrijheidsberoving wettig en overtuigend bewezen, mede op basis van aangiftes, camerabeelden en getuigenverklaringen. De verdediging voerde aan dat verdachte slechts als vriendendienst aanwezig was en geen strafbare handelingen heeft verricht.
De rechtbank oordeelde dat verdachte weliswaar aanwezig was, maar dat zijn rol niet zodanig was dat sprake was van medeplegen. De verklaringen en bewijzen waren onvoldoende om een materiële of intellectuele bijdrage aan de strafbare feiten vast te stellen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van medeplegen afpersing en wederrechtelijke vrijheidsberoving.