ECLI:NL:RBZWB:2024:3232

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
17 mei 2024
Publicatiedatum
17 mei 2024
Zaaknummer
BRE 24/3188
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 6:12 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken ingebrekestelling bij niet tijdig beslissen

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door verweerder op haar bezwaar tegen een afwijzende beschikking eerste toets kinderopvangtoeslag van 5 december 2022. De rechtbank beoordeelt dat eiseres niet heeft voldaan aan de wettelijke vereiste om eerst een ingebrekestelling te sturen waarin zij het bestuursorgaan verzoekt binnen twee weken alsnog te beslissen.

De ingebrekestelling die eiseres heeft gestuurd, betrof een integrale herbeoordeling van haar situatie en niet het bezwaar tegen het niet tijdig beslissen. Hierdoor is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk en kan de rechtbank het beroep niet inhoudelijk behandelen.

De rechtbank wijst erop dat deze niet-ontvankelijkverklaring niet betekent dat verweerder niet alsnog moet beslissen op het bezwaar. Verweerder dient dit zo spoedig mogelijk alsnog te doen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak is gedaan door rechter R.P. Broeders en griffier M.R. Jouvenaar op 17 mei 2024 en is zonder zitting uitgesproken op grond van artikel 8:54 Awb Pro.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 24/3188

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 mei 2024 in de zaak tussen

[eiseres], uit [plaats], eiseres,

(gemachtigde: mr. A. van Tol-Macharoblishvili),
en

Dienst Toeslagen (voorheen Belastingdienst/Toeslagen), verweerder.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep dat eiseres heeft ingesteld omdat verweerder volgens haar niet op tijd heeft beslist op haar bezwaar van 22 september 2023 tegen de afwijzende beschikking eerste toets € 30.000 van 5 december 2022, (verlaat) verzonden op 31 augustus 2023.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. Als een bestuursorgaan niet op tijd beslist op een aanvraag of bezwaarschrift, kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene per brief aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog beslist moet worden op zijn aanvraag of bezwaar (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na die twee weken nog steeds geen besluit is, dan kan de betrokkene beroep instellen. [1]
Is het beroep ontvankelijk?
3. Als de betrokkene geen ingebrekestelling stuurt, is het beroep niet-ontvankelijk. Dit betekent dat de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet inhoudelijk kan beoordelen. In dit geval heeft eiseres geen ingebrekestelling verstuurd die betrekking heeft op haar bezwaarschrift. De ingebrekestelling van 7 december 2023, door verweerder ontvangen op 12 december 2023, gaat namelijk over de integrale herbeoordeling van eiseres haar situatie met betrekking tot de kinderopvangtoeslag.
3.1.
Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet kan beoordelen. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3.2.
Ten overvloede merkt de rechtbank op dat de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaarschrift, niet wegneemt dat verweerder inmiddels had moeten beslissen op het bezwaarschrift en, voor zover hij dit nog niet heeft gedaan, dit zo spoedig mogelijk alsnog dient te doen.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.P. Broeders, rechter, in aanwezigheid van mr. M.R. Jouvenaar, griffier, op 17 mei 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Dit staat (onder andere) in artikel 6:12 van Pro de Awb.