Uitspraak
1.De procedure
- het schriftelijke antwoord met bijlagen 1 tot en met 6,
- de conclusie van repliek met producties 3 tot en met 9,
- de schriftelijke toelichting (dupliek).
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Menzis Zorgverzekeraar vordert betaling van zorgpremies voor juni en juli 2023 van gedaagde, die deze niet heeft voldaan. Gedaagde stelt dat hij in die periode in het buitenland verbleef met de intentie daar te blijven en dat de gemeente zijn uitschrijving uit de Basisregistratie Personen (BRP) zou regelen. Na terugkeer in Nederland raakte hij dakloos.
De rechtbank stelt vast dat gedaagde op het moment van het niet betalen van de premies nog ingeschreven stond in de BRP en daarmee verzekeringsplichtig was volgens artikel 2 van Pro de Zorgverzekeringswet. Het beroep op gerechtvaardigd vertrouwen in de mededeling van de gemeente wordt verworpen omdat dit niet aan Menzis kan worden tegengeworpen en gedaagde zelf verantwoordelijk is voor het doorgeven van wijzigingen.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van de premie, wettelijke rente vanaf de dagvaarding en buitengerechtelijke incassokosten. Tevens wordt gedaagde veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde is veroordeeld tot betaling van de zorgpremies juni en juli 2023, inclusief wettelijke rente en incassokosten.