Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De vordering tot tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
een gevangenisstraf van 142 dagen, waarvan 50 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
een taakstraf van 80 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast van
40 dagen;
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten
20 uur taakstraf;
[benadeelde 1]van
€ 600,00, aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 juli 2022 tot aan de dag der voldoening;