Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
2.Verzoek
3.Standpunten
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], geboren op [geboortedag] 1999 te [geboorteplaats] ;
22 mei 2025;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 22 mei 2024 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een zorgmachtiging voor betrokkene, geboren in 1999, die lijdt aan diverse psychische stoornissen waaronder ASS, depressie en verslavingsproblemen. Betrokkene verzette zich tegen de machtiging en ontkende het nut ervan, terwijl zijn advocaat primair afwijzing verzocht.
Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, zijn advocaat, een arts in opleiding tot psychiater, een sociaal psychiatrisch verpleegkundige en de vader/mentor gehoord. De deskundigen stelden dat betrokkene ondanks enige verbetering nog steeds risico loopt op suïcidaliteit en zelfverwaarlozing, en dat verplichte zorg noodzakelijk is om ernstig nadeel af te wenden. Betrokkene gaf aan dat hij zonder zorgmachtiging niet langer in de beschermde woonvorm zou blijven.
De rechtbank concludeerde dat betrokkene een psychische stoornis heeft die leidt tot ernstig nadeel, dat vrijwillige zorg niet mogelijk is, en dat de gevraagde vormen van verplichte zorg proportioneel en noodzakelijk zijn. De zorgmachtiging wordt dan ook voor twaalf maanden verleend, met verplichte medicatie, medische controles en beperkingen in vrijheid, maar zonder beperking van communicatiemiddelen.
Tegen deze beschikking staat cassatie open. De beschikking werd mondeling gegeven door rechter Smits en schriftelijk uitgewerkt op 5 juni 2024.
Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden met verplichte medicatie, medische controles en beperkingen in vrijheid.