ECLI:NL:RBZWB:2024:3967

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
15 mei 2024
Publicatiedatum
11 juni 2024
Zaaknummer
10959294 \ MB VERZ 24-194
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gedeeltelijke gegrondverklaring beroep tegen verkeersboete wegens gevaarlijk parkeren bij laden en lossen

Betrokkene kreeg een administratieve boete opgelegd wegens het parkeren van een voertuig op een wijze die gevaar of hinder voor het verkeer kan veroorzaken op de Telegraafstraat te Tilburg op 1 augustus 2023. Betrokkene stelde dat hij op aanwijzing van een verkeersregelaar zijn wagen had neergezet om te laden en lossen bij de Mediamarkt en dat het verkeer niet in gevaar was gebracht. De officier van justitie handhaafde de boete.

De kantonrechter oordeelde dat de gedraging vaststaat en dat het parkeren op die locatie inderdaad gevaar of hinder kan veroorzaken, mede doordat een verkeersbord onzichtbaar werd. Hoewel betrokkene niet ontkende de vrachtwagen daar te hebben neergezet, erkende de rechtbank dat er geen deugdelijke laad- en losplaats bij de Mediamarkt aanwezig is.

Daarom werd de boete terecht opgelegd, maar de kantonrechter matigde deze tot de helft, omdat de verantwoordelijkheid voor het ontbreken van een geschikte laad- en losplaats primair bij het bedrijf ligt. Het beroep werd daarmee gedeeltelijk gegrond verklaard. De officier van justitie werd opgedragen het teveel betaalde bedrag terug te betalen. Tegen de uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.

Uitkomst: De boete wordt gematigd tot de helft en het teveel betaalde bedrag wordt terugbetaald.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Tilburg
zaaknummer.: 10959294 \ MB VERZ 24-194
CJIB-nummer: 8062 5422 6026 2834
uitspraakdatum: 15 mei 2024
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
[adres]
[plaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 15 mei 2024. Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: voertuig zodanig op de weg laten staan dat gevaar wordt/kan worden veroorzaakt of verkeer wordt/kan worden gehinderd op de Telegraafstraat te Tilburg op 1 augustus 2023 om 15.01 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene heeft zijn wagen neergezet op aanwijzing van een verkeersregelaar en was aan het lossen bij de Mediamarkt. Het verkeer is op geen enkele manier in gevaar gebracht.
Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat de gemeente Tilburg moet werken aan een oplossing voor het parkeerprobleem ter plaatse.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De verbalisant heeft geconstateerd dat er sprake was van een gevaarlijke situatie. De boete is terecht opgelegd. Het is lastig om in een centrum te laden en/of lossen, maar de keuze van betrokkene om op deze wijze te laden en/of lossen is gevaarlijk.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier - met name uit de verklaring van de verbalisant en de foto’s van de gedraging - voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Betrokkene ontkent niet op deze locatie zijn vrachtwagen te hebben neergezet om te laden en/of lossen. Parkeren op deze locatie kan echter hinder of gevaar veroorzaken voor het overige verkeer, met name ook omdat daardoor het geplaatste verkeersbord niet zichtbaar is voor de overige verkeersdeelnemers.
De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd wel aanleiding om de boete te matigen. Daarbij is van belang dat er ter plaatse bij de Mediamarkt kennelijk geen deugdelijke plaats is om te laden en/of lossen. Betrokkene wordt hier nu als enige voor verantwoordelijk gehouden, maar deze verantwoordelijkheid ligt in eerste instantie bij het bedrijf waar goederen worden geladen en/of gelost, in dit geval de Mediamarkt in Tilburg. De boete zal worden gematigd tot de helft.
Het beroep is gelet op de matiging gedeeltelijk gegrond. De beslissing van de officier van justitie zal worden gewijzigd. Het bedrag dat betrokkene te veel aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.

Beslissing

De kantonrechter:
‒ verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;
‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie in die zin dat de boete wordt gematigd tot € 80,-, plus € 9,- administratiekosten;
‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 80,-, dat betrokkene te veel als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, kantonrechter, bijgestaan door de griffier C.G. Zevenhuijzen, en in het openbaar uitgesproken op 15 mei 2024.
Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Datum verzending: