Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
directhet voertuig heeft geschorst of verzekerd terwijl hij hiertoe wel een mogelijkheid had, ook na zijn terugkomst in Nederland.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het niet verzekeren van een bromfiets, geconstateerd tijdens een RDW-controle op 28 juni 2022. Betrokkene voerde aan dat de hoge reparatiekosten en het ontbreken van DigiD door vertrek naar het buitenland de reden waren voor het niet verzekeren. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond.
De rechtbank constateert dat de gedraging vaststaat en dat betrokkene verantwoordelijk is voor het verzekeren of schorsen van het voertuig. De argumenten van betrokkene bieden geen grond voor volledige kwijtschelding. Wel is vastgesteld dat de officier van justitie de hoorplicht heeft geschonden door betrokkene niet te horen, wat leidt tot vernietiging van de eerdere beslissing.
Daarom wordt het beroep tegen die beslissing gegrond verklaard en de boete met 25% gematigd. Tevens wordt het teveel betaalde bedrag aan zekerheidstelling terugbetaald. De boete wordt vastgesteld op € 277,50 plus administratiekosten. Betrokkene kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het beroep wordt deels gegrond verklaard en de boete gematigd tot € 277,50 plus administratiekosten.