Uitspraak
1.De procedure
- productie 21 en 22 van de zijde van Hlprs.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eiser verricht schoonmaak- en kluswerkzaamheden via het platform van Hlprs, dat dienstverleners en klanten samenbrengt. Eiser stelt dat Hlprs onrechtmatig heeft gehandeld doordat klanten hun overeenkomsten met hem hebben opgezegd vanwege onvolledige contracten en dat hij geen loon ontving tijdens ziekte of vakantie van klanten.
Hlprs voert verweer en stelt dat zij slechts een platform is en niet aansprakelijk kan worden gehouden voor de contractuele relaties tussen eiser en klanten. De kantonrechter oordeelt dat er geen arbeidsovereenkomst tussen Hlprs en eiser bestaat en dat Hlprs niet verantwoordelijk is voor de inhoud of geldigheid van de overeenkomsten tussen eiser en klanten.
De kantonrechter wijst het verweer van obscuur libel af en beoordeelt inhoudelijk dat eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd voor onrechtmatig handelen van Hlprs. Ook het niet doorbetalen van loon tijdens ziekte of vakantie is een kwestie tussen eiser en de klanten, niet met Hlprs.
De gevorderde schadevergoeding wordt afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing en causaal verband. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vorderingen van eiser worden afgewezen wegens gebrek aan onrechtmatig handelen door Hlprs en onvoldoende onderbouwing van schade.