Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 218,75
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd beboet voor het wisselen van rijstrook zonder het andere verkeer voor te laten gaan op de Rijksweg A16 te Langeweg op 25 februari 2022. Betrokkene stelde dat de gedraging niet had plaatsgevonden en verzocht om beelden, die niet werden verstrekt. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat de verklaring van de verbalisant voldoende bewijs leverde dat de gedraging had plaatsgevonden, ondanks het ontbreken van beeldmateriaal. Het standpunt dat het andere voertuig te hard reed, werd niet als voldoende reden gezien om aan de juistheid van de verklaring te twijfelen. De boete werd daarom terecht opgelegd.
Echter werd vastgesteld dat de redelijke termijn voor de behandeling van de zaak was overschreden, waardoor de boete met 25% werd gematigd. Tevens werd de officier van justitie veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van betrokkene voor de fase waarin de termijn was overschreden. De boete werd gematigd tot € 187,50 plus administratiekosten, en teveel betaalde zekerheidstelling werd terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep is gedeeltelijk gegrond verklaard en de boete is met 25% gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn.