Uitspraak
1.Waar de zaak over gaat
2.Hoe de procedure is verlopen
- de akte van BudgetEnergie.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
BudgetEnergie en [gedaagde] hadden een overeenkomst voor levering van elektriciteit en gas die per 1 mei 2022 is geëindigd. BudgetEnergie stuurde een eindnota van €3.662,04, waarvan slechts een deel door [gedaagde] is betaald. De kern van de zaak betrof de vraag of [gedaagde] het resterende bedrag nog moest voldoen.
De rechtbank stelde vast dat [gedaagde] geen eindmeterstanden had doorgegeven, waardoor de werkelijke standen niet exact konden worden vastgesteld. Wel was bekend dat de meterstand op 16 april 2022 38002 kWh was, wat in lijn lag met het verbruik tijdens de contractperiode. De meterstand van de nieuwe bewoners op 9 juni 2022 was hoger, maar gezien de korte periode tussen 16 april en 1 mei 2022 en de langere periode tot 9 juni 2022, werd de lagere stand in het voordeel van [gedaagde] aangenomen.
De rechtbank trok €326,- af van de hoofdsom en wees €2.697,53 toe. Daarnaast werd wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten toegewezen, waarbij de incassokosten werden gematigd tot het maximum volgens het Besluit. [gedaagde] werd veroordeeld tot betaling van in totaal €3.092,28 plus wettelijke rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €3.092,28 plus wettelijke rente en proceskosten.