ECLI:NL:RBZWB:2024:4409
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Van der Burgt
- Rechtspraak.nl
Vordering tot terugbetaling geldlening toegewezen wegens niet weersproken stellingen
In deze civiele bodemzaak vordert eiser betaling van €24.999,- plus wettelijke rente van gedaagde, op grond van een overeenkomst tot geldlening. Eiser stelt dat hij €25.000,- heeft uitgeleend aan gedaagde, die niet heeft terugbetaald. Gedaagde voert verweer dat het om een fictieve lening gaat, bedoeld om beslag op vermogen te voorkomen, en ontkent geld te hebben ontvangen.
De mondelinge behandeling vond plaats op 8 mei 2024, waarbij gedaagde niet is verschenen ondanks behoorlijke oproeping. Eiser heeft ter zitting zijn stellingen herhaald en ondersteund met whatsapp-schermprints die een betalingsverplichting van gedaagde suggereren.
De kantonrechter trekt uit het niet verschijnen van gedaagde de gevolgtrekking dat hij de stellingen onvoldoende weersproken heeft. Hierdoor wordt aangenomen dat de geldleningsovereenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen en dat gedaagde het bedrag niet heeft terugbetaald. De vordering wordt toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf het vonnis. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten van €2.043,86, te vermeerderen met eventuele kosten van betekening.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €24.999,- plus wettelijke rente en proceskosten.