Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.[eiser 1] ,
[eiser 2],
1.De procedure
- de dagvaarding,
- het tegen gedaagde verleende verstek.
2.De beoordeling
€ 157,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eisers vorderen dat gedaagde de tekortkoming herstelt door de parkeerplaatsen terug te brengen in de toestand zoals bij levering. Gedaagde is niet verschenen, waardoor het vonnis bij verstek is gewezen. De rechtbank past het petitum ambtshalve aan vanwege onvolledigheid.
De rechtbank wijst de vordering toe voor zover het herstel binnen 7 dagen na betekening van het vonnis plaatsvindt, en matigt de dwangsom tot €250 per dag met een maximum van €15.000. Tevens wordt gedaagde veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €1.230,30, vermeerderd met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen. De uitspraak is op 26 juni 2024 in het openbaar uitgesproken door rechter Goedegebuur.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot herstel van de parkeerplaatsen binnen 7 dagen na betekening en betaling van proceskosten met een gematigde dwangsom.