Uitspraak
1.De procedure
- het bericht van 21 november 2023 met producties van Zeeland Trade;
- de rolbeslissing van 6 december 2023 waarin een nieuwe mondelinge behandeling is bepaald;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele bodemzaak stond een geschil centraal tussen [B.V.] en Zeeland Trade over betaling en verrekening van schade en facturen. [B.V.] voerde transport uit voor Zeeland Trade waarbij tijdens levering schade ontstond aan een transportband en pootaardappelen verloren gingen. Zeeland Trade factureerde [B.V.] voor de schade, terwijl [B.V.] een factuur voor het transport aan Zeeland Trade stuurde die niet volledig werd betaald.
De rechtbank beoordeelde de vorderingen in conventie en reconventie gezamenlijk. Vast stond dat Zeeland Trade een betalingsverplichting had voor het transport en dat [B.V.] aansprakelijk was voor schadevergoeding. Zeeland Trade had een deel van de schadevergoeding betaald, maar een restant bleef openstaan. De akte van cessie die Zeeland Trade overhandigde, zag op andere entiteiten en kon niet worden meegenomen in verrekening met [B.V.].
De rechtbank oordeelde dat Zeeland Trade slechts een deel van de schadevergoeding (€ 896,73) kon verrekenen met de factuur van [B.V.], waardoor Zeeland Trade het resterende bedrag van € 1.145,29 aan [B.V.] moest betalen. Daarnaast werd Zeeland Trade veroordeeld tot betaling van wettelijke handelsrente vanaf 2 september 2020, een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten. De vordering van Zeeland Trade in reconventie werd afgewezen.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte verrekening en het niet automatisch meenemen van vorderingen op dochterondernemingen bij verrekening tussen rechtspersonen. De procedure werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Zeeland Trade moet een deel van de factuur betalen na verrekening van schadevergoeding, inclusief rente, incassokosten en proceskosten.