ECLI:NL:RBZWB:2024:4937
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- R.B. Broeders
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening schorsing omgevingsvergunning Bed en Breakfast
Verzoeker heeft bij de rechtbank een voorlopige voorziening gevraagd om de omgevingsvergunning, verleend aan zijn buurman voor het gebruik van een bijgebouw als Bed en Breakfast, te schorsen. Deze vergunning was op 15 mei 2024 verleend en verzoeker had hiertegen bezwaar gemaakt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen bij onverwijlde spoed. In dit geval is het gebruik van het bijgebouw al drie jaar zonder vergunning, en het gebruik kan eenvoudig worden beëindigd indien de vergunning wordt herroepen. Hierdoor is er geen sprake van onomkeerbaarheid die spoedeisendheid zou rechtvaardigen.
Verzoeker heeft onvoldoende onderbouwd welke hinder hij precies ondervindt en waarom deze hinder zo ernstig is dat niet van hem verwacht kan worden deze te accepteren tot de beslissing op bezwaar. Ook leidt het schorsen van de vergunning niet automatisch tot beëindiging van het gebruik en daarmee tot het stoppen van de hinder.
Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.