ECLI:NL:RBZWB:2024:5054
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Van der Burgt
- Rechtspraak.nl
Vaststelling uiterste datum voor indienen vorderingen in nalatenschap
In deze beschikking heeft de kantonrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op verzoek van de vereffenaars van de nalatenschap van de overleden erflaatster een uiterste datum vastgesteld voor het indienen van vorderingen door schuldeisers. De vereffenaars, benoemd bij beschikking van 3 juni 2024, hebben verzocht om een termijn waarbinnen schuldeisers hun vorderingen kunnen indienen.
De kantonrechter heeft geoordeeld dat een termijn van ongeveer drie maanden voldoende is voor schuldeisers om hun vorderingen in te dienen, en heeft daarom de uiterste datum vastgesteld op 19 oktober 2024. Tevens is bepaald dat de oproeping van de schuldeisers via publicatie in de Staatscourant moet plaatsvinden, overeenkomstig artikel 4:214 lid 1 BW Pro, waarbij de oproeping gelijktijdig en op dezelfde wijze als de bekendmaking van de benoeming van de vereffenaars moet geschieden.
De beschikking is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 19 juli 2024 door kantonrechter Van der Burgt, in aanwezigheid van de griffier. Hiermee is de procedure voor het indienen van vorderingen in deze nalatenschap formeel geregeld.
Uitkomst: De uiterste datum voor het indienen van vorderingen door schuldeisers is vastgesteld op 19 oktober 2024 met oproeping via de Staatscourant.