ECLI:NL:RBZWB:2024:5054

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
19 juli 2024
Publicatiedatum
23 juli 2024
Zaaknummer
11154490 OV VERZ 24-2766 (E)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Van der Burgt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:214 BW
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling uiterste datum voor indienen vorderingen in nalatenschap

In deze beschikking heeft de kantonrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op verzoek van de vereffenaars van de nalatenschap van de overleden erflaatster een uiterste datum vastgesteld voor het indienen van vorderingen door schuldeisers. De vereffenaars, benoemd bij beschikking van 3 juni 2024, hebben verzocht om een termijn waarbinnen schuldeisers hun vorderingen kunnen indienen.

De kantonrechter heeft geoordeeld dat een termijn van ongeveer drie maanden voldoende is voor schuldeisers om hun vorderingen in te dienen, en heeft daarom de uiterste datum vastgesteld op 19 oktober 2024. Tevens is bepaald dat de oproeping van de schuldeisers via publicatie in de Staatscourant moet plaatsvinden, overeenkomstig artikel 4:214 lid 1 BW Pro, waarbij de oproeping gelijktijdig en op dezelfde wijze als de bekendmaking van de benoeming van de vereffenaars moet geschieden.

De beschikking is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 19 juli 2024 door kantonrechter Van der Burgt, in aanwezigheid van de griffier. Hiermee is de procedure voor het indienen van vorderingen in deze nalatenschap formeel geregeld.

Uitkomst: De uiterste datum voor het indienen van vorderingen door schuldeisers is vastgesteld op 19 oktober 2024 met oproeping via de Staatscourant.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Cluster I Civiele kantonzaken
Bergen op Zoom
zaak/rolnr.: 11154490 OV VERZ 24-2766
beschikking d.d. 19 juli 2024 op een verzoek ex artikel 4:214 lid 1 van Pro het BW
in de nalatenschap van:
[erflaatster],
laatstelijk gewoond hebbend te [plaats 1],
overleden te [plaats 1] op [datum] 2022,
nader te noemen erflaatster.

1.Het verloop en de beoordeling

1.1
Bij beschikking van 3 juni 2024 van deze rechtbank, team Civiel recht, Cluster II Handelszaken, locatie Breda, zijn mr. [vereffenaar 1] en mr. [vereffenaar 2], beiden verbonden aan [notariskantoor] te [plaats 2], benoemd tot vereffenaars in de voornoemde nalatenschap.
1.2
De kantonrechter te Bergen op Zoom heeft op 10 juni 2024 een verzoek van de vereffenaars ontvangen, waarin wordt verzocht een uiterlijke datum vast te stellen, voor welke datum de schuldeisers hun vorderingen bij de vereffenaars kunnen indienen.
1.3
De vereffenaars dienen de schuldeisers der nalatenschap openlijk op te roepen hun vorderingen bij hen in te dienen. De kantonrechter gaat ervan uit dat de oproeping van de schuldeisers van de nalatenschap onverwijld na ontvangst van deze beschikking zal geschieden en is van oordeel dat een termijn van ongeveer 3 maanden voor schuldeisers voldoende is om hun vorderingen bij de vereffenaars in te dienen. De kantonrechter zal de uiterste datum waarop de vorderingen moeten zijn aangemeld daarom op 19 oktober 2024 bepalen.
1.4
Uit artikel 4:214 lid 1 BW Pro volgt dat de oproeping dient te geschieden op dezelfde wijze als de bekendmaking van de benoeming van de vereffenaars en zoveel mogelijk tegelijkertijd. Bij bovengenoemde beschikking heeft de rechtbank de vereffenaars opgedragen de benoeming bekend te maken in de Staatscourant. De oproeping van de schuldeisers zal derhalve eveneens dienen te worden gepubliceerd in de (digitale versie van de) Staatscourant.

2.De beslissing

De kantonrechter:
bepaalt dat de vereffenaars de schuldeisers via de Staatscourant dienen op te roepen om hun vorderingen uiterlijk 19 oktober 2024 bij de vereffenaars in te dienen.
Deze beschikking is gegeven door mr. Van der Burgt, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 19 juli 2024, in tegenwoordigheid van de griffier.