Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBZWB:2024:5178

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
25 juli 2024
Publicatiedatum
25 juli 2024
Zaaknummer
24/5711 BRP
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken bestreden besluit

In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant op 25 juli 2024 uitspraak gedaan over een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening door verzoeker tegen het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda.

De voorzieningenrechter stelt vast dat op grond van artikel 8:81 Awb Pro een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen indien sprake is van een bestreden besluit en een bezwaar daartegen, het zogenaamde connexiteitsvereiste. In dit geval heeft verzoeker in zijn verzoekschrift en bezwaarschrift geen besluit genoemd dat is genomen.

Telefonisch navraag bij de gemeente bevestigde dat er geen besluit is afgegeven met betrekking tot de inschrijving in de basisregistratie personen. Hierdoor is het verzoek niet connex aan een besluit en moet het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk worden verklaard.

De uitspraak is gedaan door rechter R.P. Broeders en griffier A.J.M. van Hees, waarbij de griffier niet in de gelegenheid was te ondertekenen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een bestreden besluit.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 24/5711 BRP

uitspraak van de voorzieningenrechter van 25 juli 2024 in de zaak tussen

[verzoeker], uit [plaats], verzoeker

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda

Inleiding

In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker.
Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is een zitting achterwege gebleven.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

3. Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen inzake een bestreden besluit indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
4. Gelet op bovengenoemd artikel moet er sprake zijn van een besluit en een bezwaar tegen dat besluit voordat een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening inhoudelijk kan worden behandeld. Dit is het zogenaamde connexiteitsvereiste.
5. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoeker in zijn verzoekschrift en in zijn bezwaarschrift geen melding maakt van een besluit dat is genomen. Telefonische navraag bij de gemeente Breda leverde op dat er geen besluit is afgegeven met betrekking tot een inschrijving in de basisregistratie personen. Dit betekent dat het verzoek niet connex is aan een besluit zodat het verzoek niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

Beslissing

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.P. Broeders, rechter, in aanwezigheid van
mr. A.J.M. van Hees, griffier, op 25 juli 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
voorzieningenrechter
voorzieningenrechter
De griffier is niet in de gelegenheid om deze uitspraak te ondertekenen.
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.