Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.[eiser sub 1] B.V.,2. [eiser sub 2] B.V.,
1.[gedaagde sub 1] ,
[gedaagde sub 2] B.V.,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 26,
2.De feiten
[broer 2] zal gedurende een periode van zeven (7) jaren, te rekenen vanaf de einddatum als opgenomen in het finaal ontwerp van de managementovereenkomst (BIJLAGE 1), behoudens voorafgaande schriftelijke toestemming van Koper, binnen een straal van 100 kilometer rond [plaats] niet – direct of indirect – betrokken zijn bij de volgende activiteiten:
”
3.Het geschil
- op straffe van een te verbeuren dwangsom van € 50.000,00 voor iedere keer dat hij een of meer bepalingen van dit concurrentiebeding overtreedt;
- te vermeerderen met een dwangsom van € 5.000,00 voor iedere dag, of deel daarvan, dat die schending voortduurt, des dat de één de dwangsom betaalt de ander zal zijn bevrijd;
- op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 50.000,00 voor iedere keer dat hij of een of meer bepalingen van dit concurrentiebeding overtreedt;
- te vermeerderen met een dwangsom van € 5.000,00 voor iedere dag, of deel daarvan, dat die schending voortduurt, des dat de één de dwangsom betaalt de ander zal zijn bevrijd;
4.De beoordeling
5.De beslissing
2 (zegge: twee) dagen na betekening van dit vonnisop straffe van een telkens hoofdelijk te verbeuren dwangsom van € 50.000,00 voor elke overtreding van het verbod, te vermeerderen met € 5.000,00 voor iedere dag of dagdeel dat de overtreding van het verbod voortduurt;