Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De benadeelde partij
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het ten laste gelegde feit;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 7 augustus 2024 heeft de rechtbank Zeeland-West-Brabant uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van het openlijk en in vereniging plegen van geweld in de sportkantine van een voetbalclub op 12 februari 2022.
De officier van justitie achtte het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen, terwijl de verdediging stelde dat verdachte slechts met bier had gegooid en een barkruk vasthield ter verdediging, maar niet had geslagen of gegooid met de barkruk.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van aangevers en getuigen inconsistent en tegenstrijdig waren en dat de herkenning van verdachte oncontroleerbaar was verlopen. Hierdoor kon niet buiten redelijke twijfel worden vastgesteld dat verdachte een wezenlijke bijdrage had geleverd aan het geweld. De rechtbank sprak verdachte vrij en wees de vordering van de benadeelde partij af wegens niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor deelname aan openlijk geweld.