ECLI:NL:RBZWB:2024:5503
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Ebben
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onvoldoende bewijs geldleningsovereenkomst
In deze civiele bodemprocedure heeft eiseres gesteld dat zij een geldlening van €400 aan gedaagde heeft verstrekt. De kantonrechter heeft eiseres de bewijsopdracht gegeven om het bestaan van deze leningsovereenkomst aan te tonen.
Eiseres heeft een kopie van Whatsappgesprekken overgelegd, maar deze bleken reeds in eerdere processtukken te zijn ingebracht en bevatten geen bewijs dat gedaagde het bedrag daadwerkelijk heeft ontvangen. Bovendien kon niet worden vastgesteld of de berichten afkomstig waren van het mobiele nummer van gedaagde. Ook is niet ingegaan op de datum van de berichten, die dateren van vóór de gestelde leningdatum.
De kantonrechter concludeert dat eiseres niet in haar bewijsopdracht is geslaagd en wijst daarom de vordering af. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten, die tot op heden nihil worden vastgesteld omdat gedaagde in persoon procedeert.
Uitkomst: De vordering tot betaling van €400 wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs.