ECLI:NL:RBZWB:2024:5519
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Borm
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voortzetting crisismaatregel wegens ontbreken psychische stoornis
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 25 juli 2024 het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene. Tijdens de mondelinge behandeling gaf betrokkene aan zich goed te voelen en wenste zij terug te keren naar huis zonder medicatie.
De advocaat van betrokkene voerde aan dat er geen sprake is van een psychische stoornis, maar van een panieksituatie, en dat bij een eventuele behandeling de Wet zorg en dwang (Wzd) van toepassing zou zijn. De behandelaar stelde dat betrokkene een licht verstandelijke beperking heeft en dat haar toestandsbeeld mogelijk het gevolg is van stress in combinatie met deze beperking, zonder dat een psychische stoornis is vastgesteld.
De rechtbank concludeerde dat onvoldoende is komen vast te staan dat betrokkene een psychische stoornis heeft en dat de situatie sinds het opleggen van de crisismaatregel is verbeterd. Voortzetting van de gedwongen zorg zou contraproductief kunnen zijn. Daarom werd het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel afgewezen.
Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens onvoldoende vaststelling van een psychische stoornis.