Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
2. bloeduitstorting linkeroog (bloeding van het oogwit);
3. bloeduitstorting onder linkeroog;
4. kraswond rondom linkeroog;
7. op de oorschelp van het linker oor is aan de achterzijde een langwerpige blauwe huidverkleuring zichtbaar en korstvorming aan de achterzijde van de oorlel;
8. kraswond op de rechter bovenarm zit een streepvormige huidonderbreking van wisselende diepte met afmetingen van circa 1 mm bij 60 mm;
9. boven op de rechter pols aan kant van de duim is een tweetal onscherp begrensde blauwrode ronde huidverkleuringen zichtbaar met een geschatte grootte van beide 1cm bij 1.5cm;
10. op de binnenzijde van de rechterelleboog is een onscherp begrensde, grillig ovaalvormige blauwgele huidverkleuring zichtbaar van geschat 2 bij 2 cm;
11. aan de buitenzijde van het rechter bovenbeen is een onscherp begrensde geel/blauwe grillig gevormde huidverkleuring zichtbaar met een grootte van circa 8 cm bij 7 cm;
12. ter hoogte van de rechter bekkenkam aan de voorzijde is oppervlakkig schaafletsel zichtbaar met een grootte van circa 1.5 cm bij 1 cm;
13. aan de voorzijde van het onderbeen op de overgang van het been naar de enkel is oppervlakkig schaafletsel zichtbaar van circa 1 cm bij 0.5 cm met enkele kleine korstvormingen daarin verspreid;
14. aan de voorzijde van het rechterbovenbeen net naast de onderbroekrand is een kraswond zichtbaar met wisselende diepte en een lengte van circa 4cm, ook zijn er enkele kleine korstvormingen zichtbaar in de streepvormige afwijking;
15. op de buitenzijde van het linker bovenbeen vlak boven de knie is een bloeduitstorting zichtbaar van circa 4 cm bij 6 cm groot. Circa 6 cm boven de hierboven genoemde huidverkleuring is een ronde bloeduitstorting zichtbaar van circa 1.5 cm bij 1.5 cm groot;
16. Op het linker bovenbeen gelegen tussen het letsel beschreven bij 15 is een kraswond zichtbaar met een grootte van circa 3 cm bij 0.3 cm. Aan beide uiteinden van de huidverkleuring zijn ook puntvormige korstvormingen zichtbaar.
- op het matras heeft gegooid en
- meermalen met kracht tegen het hoofd en armen heeft geslagen en
- meermalen tegen de benen heeft geschopt en
- met kracht bij de hals heeft vast gepakt en geknepen en
- meermalen op het lichaam met zijn, verdachtes, knie heeft gesprongen en
- aan de benen heeft getrokken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een gevangenisstraf van 15 weken;
- op het matras heeft gegooid, en/of (vervolgens)
- meermalen met kracht op/tegen het hoofd/gezicht/armen, in elk geval tegen het lichaam, heeft geslagen en/of gestompt, en/of
- meermalen op/tegen de benen, in elk geval het lichaam, heeft geschopt, en/of
- met kracht bij de keel/hals/nek heeft vast gepakt en/of geknepen, en/of
- meermalen op het lichaam, met zijn, verdachtes, knie heeft gesprongen, en/of
- meermalen tegen het lichaam heeft geduwd, en/of
- heeft vastgepakt, en/of
- aan de benen heeft vastgepakt en/of getrokken en/of gesleurd,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
(art. 302 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art. 45 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht)
- op het matras te gooien, en/of (vervolgens)
- meermalen op/tegen het hoofd/gezicht/armen, in elk geval tegen het lichaam, te slaan en/of stompen, en/of
- meermalen op/tegen de benen, in elk geval het lichaam, te schoppen, en/of
- bij de keel/hals/nek vast te pakken en/of te knijpen, en/of
- meermalen op het lichaam, met zijn, verdachtes, knie te springen, en/of
- meermalen tegen het lichaam te duwen, en/of
- vast te pakken, en/of
- aan de benen vast te pakken en/of (vervolgens) te trekken en/of te sleuren;
(art. 300 lid 1 Wetboek Pro van Strafrecht, art 304. lid 1 ahf/sub 1° Wetboek van Strafrecht)