Uitspraak
[gedaagde sub 1] , H.O.D.N. [bedrijf 1] T.H.O.D.N. [bedrijf 2],
[gedaagde sub 2],
[gedaagde sub 2],
gemachtigde: mr. F. Kaloudis.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Stichting Stadlander vordert in kort geding de ontruiming van een woning die door [gedaagde sub 2] wordt gehuurd, vanwege ernstige overlast en intimidatie van medewerkers en omwonenden. De huurder staat onder bewind, waarbij [gedaagde sub 1] als bewindvoerder is benoemd. Stadlander baseert haar vordering op meerdere meldingen van geluidsoverlast, intimidatie en bedreigingen, ondersteund door correspondentie, ordegesprekken en een Veiligheid Garantverklaring.
De kantonrechter verklaart Stadlander niet-ontvankelijk jegens de huurder zelf, omdat deze onder bewind staat en niet als formele partij kan optreden. De vordering wordt daarom alleen tegen de bewindvoerder ingesteld. De rechter beoordeelt dat er een spoedeisend belang is bij de ontruiming om verdere overlast te voorkomen. De huurder heeft erkend de overlast te veroorzaken en medewerkers van Stadlander zijn daardoor ernstig belemmerd in hun werkzaamheden.
Hoewel de huurder kwetsbaar is en hulpbehoevend, heeft hij geen gedragsverandering getoond ondanks inspanningen van Stadlander. De belangen van Stadlander en omwonenden wegen zwaarder dan het behoud van de woning voor de huurder. De kantonrechter wijst de ontruiming toe met een termijn van dertig dagen om passende woonruimte te vinden. De bewindvoerder wordt veroordeeld tot ontruiming en betaling van proceskosten.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering tot ontruiming toe en legt een termijn van dertig dagen op.