ECLI:NL:RBZWB:2024:5859
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kostenvergoeding taxatierapporten bij WOZ-waarde onroerende zaken
Belanghebbende B.V. maakte bezwaar tegen de WOZ-waardebeschikking en de daaraan gekoppelde aanslagen onroerendezaakbelasting over twee tankstations. De heffingsambtenaar verlaagde de WOZ-waarden en kende een kostenvergoeding toe voor de bezwaarfase van € 1.338, waarvan € 800 voor taxatierapporten.
Belanghebbende vorderde een hogere vergoeding van € 1.384,40 op basis van een uurtarief van € 130 exclusief omzetbelasting. De rechtbank oordeelt dat het toegekende tarief van € 100 per uur passend is gezien de aard van de onroerende zaken en het ontbreken van bewijs van hogere kosten. Ook is omzetbelasting niet vergoed omdat deze vermoedelijk als voorbelasting kan worden afgetrokken.
De rechtbank constateert echter dat de heffingsambtenaar in de uitspraak op bezwaar onvoldoende heeft gemotiveerd waarom hij afweek van het gevraagde bedrag, wat een schending van het motiveringsbeginsel oplevert. Dit leidt niet tot vernietiging van de uitspraak, maar wel tot vergoeding van het betaalde griffierecht van € 365.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, de kostenvergoeding blijft ongewijzigd, en de heffingsambtenaar wordt opgedragen het griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de heffingsambtenaar moet het griffierecht van € 365 vergoeden.