Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 2 februari 2024 in de zaken tussen
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
Inleiding
Totstandkoming van de besluiten
- 5,8 kilogram griet;
- 10,8 kilogram ondermaatse zeebaars;
- 15,2 kilogram zeebaarsfilet;
- 14,6 kilogram roggenvleugels;
- 202,8 kilogram ontkopte en gevilde tong; en
- 11,2 kilogram ontkopte wijting.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Inbreuken
- Het aan boord nemen, overladen of aanlanden van ondermaatse vis in strijd met de geldende wetgeving of het niet naleven van de verplichting om ondermaatse vis aan te landen (artikel 12 onder Pro a en b, sub ii van de Beleidsregel);
- het verbergen, knoeien met of doen verdwijnen van bewijsmateriaal dat van belang is in het kader van een onderzoek (artikel 11 van Pro de Beleidsregel); en
- het niet naleven van verplichtingen inzake het juist registreren van de met de vangst verband houdende gegevens, namelijk het niet gebruiken van de feitelijke weeggegevens bij de aangifte van aanlanding (artikel 8 eerste Pro lid, onder e, van de Beleidsregels).
Maatregel tot schorsing visvergunning
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- wijst het verzoek van [naam verzoekers 1] af;
- wijst het verzoek van [naam verzoekers 2] toe en schorst het bestreden besluit tot zes weken na het besluit op bezwaar;
- wijst het verzoek van [naam verzoekers 3] af;
- draagt de minister op het betaalde griffierecht van € 365,- per verzoekster (€ 1.095,- totaal) te vergoeden;
- veroordeelt de minister in de proceskosten van Geertruida B.V. tot een bedrag van € 1.750,-.