Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
de rechtbank begrijpt: handgranaten). De rechtbank heeft bij de beoordeling om die reden de inhoud van de berichten beoordeeld in het licht van de andere stukken in het dossier omtrent hetgeen zich op 4 juni 2020 heeft voorgedaan. De rechtbank overweegt hierover het volgende.
message’wel heeft begrepen en dat hij zijn lesje wel heeft gehad. Ook wordt er gezegd dat [slachtoffer 1] sowieso denkt dat het een ‘hit’ was en dat ze dat er ook van gaan maken zodat ze een hogere boete op kunnen leggen. Het feit dat [medeverdachte 4] tegenover [slachtoffer 1] wilde doen alsof het een hit was duidt erop dat dit het niet was. Ook volgt uit de chats niet dat er enige teleurstelling of onvrede was over de uitvoering van de schietpartij, iets wat wel valt te verwachten als de uitvoering of het resultaat niet conform de opdracht was geweest. In de chats is ook te zien dat dit bij andere incidenten wel het geval was.
5.De benadeelde partij
6.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder feit 1 en feit 2 ten laste gelegde;