ECLI:NL:RBZWB:2024:6132
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij vergunning tijdelijke grafbedekking
Eiseres maakte bezwaar tegen een verleende vergunning voor het plaatsen van een tijdelijke grafbedekking op het graf van haar zoon. Het college van burgemeester en wethouders van Vlissingen handhaafde de vergunning en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk.
De rechtbank heeft het beroep op 27 augustus 2024 behandeld. Eiseres stelde dat zij geen vergunning nodig had voor het plaatsen van een schilderij op het graf. De rechtbank beoordeelde echter eerst ambtshalve of eiseres nog procesbelang had.
Procesbelang vereist dat het doel van het beroep nog kan worden bereikt en van feitelijke betekenis is. Ter zitting verklaarde eiseres dat inmiddels een definitief monument is geplaatst waarvoor een vergunning is verleend zonder leges. Hierdoor is het graf voltooid en kan met het beroep niets meer worden bereikt.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van procesbelang betekent dat het beroep niet-ontvankelijk is. De rechtbank ging niet in op de inhoudelijke argumenten en wees erop dat principiële bezwaren niet tot een inhoudelijke beoordeling leiden. Eiseres kan klachten indienen bij de ombudsman of het college.
De rechtbank sprak de uitspraak direct uit en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.