Uitspraak
1.De procedure
- het mondelinge antwoord,
- de conclusie van repliek met productie 7,
- de mondelinge toelichting (dupliek).
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Beveland Wonen verhuurde een woning aan gedaagde die zich via een woningwebsite had ingeschreven. Na bezichtiging en het sluiten van de huurovereenkomst zag gedaagde de woning een dag later af. Beveland Wonen stelde dat zij recht had op één maand huur vanwege de opzegtermijn en de gemaakte afspraken.
Gedaagde voerde aan dat zij had vertrouwd op de mededeling dat er geen buitenlandse buren zouden zijn, en dat dit een essentiële voorwaarde was. De kantonrechter oordeelde echter dat deze voorwaarde niet gesteld kon worden omdat dit in strijd is met artikel 14 EVRM Pro en het bijbehorende protocol 12, die discriminatie verbieden.
De kantonrechter stelde vast dat gedaagde op de hoogte was van haar verplichting tot betaling van één maand huur bij annulering na acceptatie. Omdat de woning pas op 24 januari opnieuw werd verhuurd, was er sprake van huurderving. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van € 522,70 plus wettelijke rente en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde is veroordeeld tot betaling van één maand huur, wettelijke rente en incassokosten ondanks haar beroep op dwaling.