ECLI:NL:RBZWB:2024:6331
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde woning te Middelburg ongegrond verklaard
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning te Middelburg, welke door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €243.000 per 1 januari 2022. De rechtbank heeft het beroep behandeld en beoordeeld of deze waarde te hoog was vastgesteld.
De heffingsambtenaar onderbouwde de waarde met een taxatierapport waarin vergelijkingsmethoden werden toegepast met referentiewoningen in de nabije omgeving. De rechtbank oordeelde dat de gebruikte referentiewoningen voldoende vergelijkbaar waren en dat er adequaat rekening was gehouden met verschillen in ligging, oppervlakte en voorzieningen.
Belanghebbende stelde dat de ligging nabij een begraafplaats en een school waardeverlagend zou zijn, maar de rechtbank vond dat deze factoren niet objectief tot een lagere waarde leiden en dat eventuele overlast reeds was verdisconteerd in de referentiewoningen. De rechtbank concludeerde dat de WOZ-waarde niet te hoog was vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond. De aanslag onroerendezaakbelasting blijft gehandhaafd en belanghebbende krijgt geen vergoeding van griffierechten of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €243.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB gehandhaafd.