ECLI:NL:RBZWB:2024:6337
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Van Leuven
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van minderjarige kinderen
De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling (GI) tot verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarige kinderen. De kinderen verblijven sinds december 2023 in een jeugdhulpvoorziening vanwege ernstige ontwikkelingsbedreigingen en complexe gezinsproblematiek.
Tijdens de mondelinge behandeling waren de vader en een vertegenwoordiger van de GI aanwezig, terwijl de moeder niet verscheen. De kinderen hebben van hun recht om hun mening te geven afgezien, hoewel de kinderrechter hen eerder had gesproken. De GI onderbouwde het verzoek met adviezen van de behandelvoorziening, waarin de noodzaak van voortzetting van de maatregelen werd benadrukt vanwege de ernst van de situatie en het lopende behandeltraject.
De vader stemde in met de verlenging van de ondertoezichtstelling en een beperkte verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing tot medio januari 2025, met het oog op evaluatie van het behandeltraject. De moeder en vader erkennen de noodzaak van de maatregelen en de voortzetting van het behandeltraject. De kinderrechter oordeelde dat aan de wettelijke criteria is voldaan en verlengt de ondertoezichtstelling tot 1 september 2025 en de machtiging tot uithuisplaatsing tot 17 januari 2025, met een evaluatie en mondelinge behandeling gepland.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling wordt verlengd tot 1 september 2025 en de machtiging tot uithuisplaatsing tot 17 januari 2025.