Eiseres maakte bezwaar tegen de herziening en terugvordering van haar voorschot kinderopvangtoeslag over 2022. De Dienst Toeslagen had het voorschot meerdere malen aangepast op basis van wijzigingen in inkomen, opvanguren en uitschrijving uit de Basisregistratie Personen (Brp).
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit onjuist is gemotiveerd omdat de herziening primair gebaseerd was op de uitschrijving uit de Brp per 11 augustus 2022. Ondanks dit motiveringsgebrek wordt dit door de rechtbank gepasseerd omdat eiseres hierdoor niet in haar belangen is geschaad.
De rechtbank stelt vast dat eiseres per 12 augustus 2022 weer is ingeschreven op een adres in Nederland, waardoor zij recht heeft op kinderopvangtoeslag. Echter is niet gebleken van tijdige betalingen aan de opvangorganisatie over augustus en september 2022, waardoor het voorschot terecht is aangepast.
Het beroep wordt ongegrond verklaard, maar Dienst Toeslagen moet het griffierecht van € 50,- aan eiseres vergoeden. De definitieve terugvordering wordt vastgesteld bij de definitieve toeslagberekening na afloop van de procedure.