Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
indien en zodra aan één van de volgende twee voorwaarden wordt voldaan:
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Op 23 september 2013 werd een huurovereenkomst gesloten tussen WonenBreburg en de huurder, later overgenomen door Stichting Leystromen. De huurder betaalde sinds oktober 2023 structureel te laat, ondanks een vaststellingsovereenkomst van januari 2023 waarin werd afgesproken de huur vóór of op de eerste van de maand te voldoen.
Leystromen vorderde ontbinding en ontruiming wegens voortdurende tekortkoming in de nakoming. De huurder erkende de te late betalingen en gaf aan dat haar salaris pas tussen de 10e en 15e van de maand wordt uitbetaald, waardoor tijdige betaling niet mogelijk is. De kantonrechter oordeelde dat deze situatie in de risicosfeer van de huurder ligt en dat zij haar betaalgedrag moet aanpassen.
Gezien het patroon van betalingsachterstanden sinds 2021 en het gebrek aan probleeminzicht, achtte de kantonrechter ontbinding gerechtvaardigd. Vanwege de kwetsbare financiële positie van de huurder werd een voorwaardelijke ontbinding uitgesproken, waarbij strenge voorwaarden gelden om ontruiming te voorkomen. De huurder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt voorwaardelijk ontbonden vanwege herhaalde te late huurbetaling met strenge voorwaarden om ontruiming te voorkomen.