Huurder ondervond langdurig problemen met het WKO-installatiesysteem in haar woning, wat leidde tot een afspraak met verhuurder dat zij een verlaagde huurprijs zou betalen totdat het technische gebrek was verholpen. Verhuurder vorderde betaling van een vermeende huurachterstand, ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming.
De rechtbank oordeelde dat de bewijslast rustte op verhuurder om aan te tonen dat het technisch gebrek in maart 2023 was opgelost, zodat huurder weer de reguliere huurprijs verschuldigd zou zijn. Verhuurder baseerde zich op een interne e-mail, maar dit was onvoldoende bewijs, temeer daar huurder gemotiveerd betwistte dat het probleem was verholpen en verklaarde ook de afgelopen winter zonder verwarming te hebben gezeten.
De kantonrechter paste de Haviltex-maatstaf toe om de afspraak over de huurverlaging uit te leggen en concludeerde dat de afspraak inhield dat de problemen rondom verwarming en koeling volledig opgelost moesten zijn. Omdat dit niet was komen vast te staan, had huurder geen huurachterstand en was er geen tekortkoming. De vorderingen van verhuurder werden afgewezen en zij werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.